Marathon Enschede: Highway to Hell

Het was warm in Enschede op die zondag de 22e april in 2018. De temperatuur tikte rond 11.00 uur de dertig graden aan.
Om half tien begon het startvak vol te lopen. Om mij heen zag ik allemaal strakke koppies die waarschijnlijk net zoiets als ik dachten; “hoe gaan we dit klusje tot een goed einde brengen? Een marathon is al niet niets, maar bij deze warmte zoeken we de problemen wel een beetje op.”

Het startvak in. Gretig en vrolijk.

Maar goed, na maanden van serieuze voorbereidingen was ik niet plan zomaar de handdoek in de ring te gooien en was vastbesloten mijn doel (3.15 uur) te gaan halen. Het jaar ervoor had ik Enschede ook gelopen, in 3.16.49, een PR die ik nu graag wilde verbeteren.

Een jonge Let
Inmiddels had ik kennis gemaakt met de tempomakers die mij misschien hier doorheen konden slepen. De jongste was een student uit Letland die over de hele wereld had gezworven en de hanger die altijd om mijn nek hangt herkende als een Nieuw-Zeelandse. Dat klopt ook, in een ver verleden hebben mijn vriendin en ik aan aantal maanden in dit prachtige land gewerkt en gereisd. Terwijl we babbelden over reizen, tikten de minuten weg en werd er opeens afgeteld voor de start. Nog tien seconden, vijf, vier, drie, twee, één en start!

Omdat de halve en de hele marathon gelijk startten was het in het begin best druk. Het was lastig om aan te blijven sluiten bij de pacers. Na een kilometer of twee kwam er meer ruimte en kwam het hele troepje van renners die zich hadden aangesloten in een mooi tempo te zitten. Zo’n 4.37 min. per kilometer. Vrijwel direct merkte ik hoe warm het was. Sowieso bij elke waterpost wat drinken, dat was wel duidelijk. Echt lekker liep het nog niet, mijn benen voelden niet fris.
Hmmm, een weinig vertrouwenwekkend vooruitzicht.
Bij kilometer vijf begon het te spoken in mijn hoofd. “Dit gaat niet goed, Remco.”
Oei, dit soort negatieve gedachten kon ik missen als kiespijn.
Dit was marathon nummer tien (+nog wat langere afstanden), ik ken inmiddels het klappen van de zweep wel zo’n beetje. Wanneer je dit soort gedachten de overhand laat krijgen, gaat het inderdaad niet goed komen. Uit alle macht proberen dus om ze om te buigen.

Net vertrokken, nog vol goede moed.

Tandje terug
Maar nee, bij tien kilometer viel het stil.
Ik zag mijn vriendin (yep, mijn trouwe verzorgster en supporter) en besloot even bij haar te stoppen.
“Het gaat zo niet, ik ga hem wel uitlopen, maar schroef het tempo terug, lief”.
Na wat te hebben gedronken en een gelletje te hebben weggewerkt, in een gezapig tempo weer verder gegaan. Wanneer je de knop omzet, kun je weer verder. Het doel zou ik niet gaan halen, dat was duidelijk, dan maar gewoon genieten onderweg van het leuke parcours en vooral van het superenthousiaste publiek.
Heel veel mensen hadden in hun voortuin een tuinslang opgehangen waaruit verkoelend water stroomde. Heerlijk om daar onderdoor te lopen.
Ondertussen was het tempo gezakt naar 5.10 – 5.20 en liep ik eigenlijk best weer lekker.
Ik had ontdekt dat het ook een goed idee was om mijn petje vol water te scheppen bij de verzorgingsposten in de bakken waarin de sponzen dreven. Heel verkoelend om een petje vol water op je kop te mikken.
De kilometertjes regen zich aaneen, het werd een ontspannend tochtje op deze manier.
Na 3 uren en 38 minuten kwam ik redelijk fris over de finish.
Doel – bij lange na – niet gehaald, maar toch tevreden.

Ontspannen lopen in het zonnetje

Marathon-trouw
Na het finishgebied te zijn uitgewandeld zag ik een gefinishte loper die op z’n knieën op straat zat.
“O jee, dat gaat niet goed, dacht ik nog.” Maar dat viel mee. Hij was op z’n knieën gegaan voor zijn meisje met een ring in de hand.
Een leuke, positieve afsluiter van een wonderlijke marathondag.

Na ruim drieeneenhalf uur ploeteren.